Opgaven waarin ademhaling en/of gaswisseling een rol speelt.
Ademhalingsstelsel:
– mondholte, neusholte en keelholte (met huig en strotklepje)
– luchtpijp met kraakbeenringen, slijmvlies met trilharen
– bronchiën
– longblaasjes
Verder
– ademhaling vormt samen met voeding en uitscheiding de stofwisseling
– verschillen tussen borst- en buikademhaling/ventilatiebewegingen door veranderingen van borstkas, middenrifspieren, buikspieren en tussenribspieren
– functie van hoesten
– voordelen van ademhalen via de neus in vergelijking met ademhalen via de mond
– kwaliteit van ingeademde lucht i.v.m. astma, bronchitis, longemfyseem en hooikoorts
Het hormoon adrenaline, gemaakt in de bijnieren, versnelt onder andere de ademhaling
De organen waarmee zuurstof wordt opgenomen en koolstofdioxide wordt afgegeven bij dieren, met name:
– tracheeën bij insecten
– kieuwen bij vissen
– longen, kieuwen en huid bij amfibieën
– longen bij reptielen, vogels en zoogdieren